Hoe het werkt? 

Een les bestaat uit doelen. Een aantal doelen moeten af zijn op het einde van de les. Je docent controleert dat en daar krijg je feedback op. Let goed op de doelen voor jouw niveau (in het BLAUW staan de uitdagingen).

Volg iedere les het volgende stappenplan:

  1. Klik op de les die je docent zegt
  2. Lees de tekst
  3. Lees de opdrachten
  4. Volg de opdrachten met het stappenplan
  5. Evalueer de les als je klaar bent met de opdrachten
  6. Heb je tijd over? Ga dan naar de verrijking, super!

LES 1

Les 1 Introductie – Chromebook algemeen

Een Chromebook is een laptop die gebruik maakt van internet en in het bijzonder van Google. 

Bekijk de filmpjes hiernaast.

Doel 1: Op het einde van deze les weet jij wat een Chromebook is en wat je ermee kunt.
Doel 2: Op het einde van deze les kun je een mappenstructuur maken.

Opdracht Chromebook verkennen:

We gaan ons Chromebook verkennen. Allereerst hebben we het belangrijkste onderdeel van het bureaublad: de plank. De plank is de horizontale balk onder in je scherm. Aan de linker onderzijde zit de Launcher. Dit is een doorzicht bolletje met een wit cirkeltje. Als je hier op klikt kun je zoeken naar alle applicaties.

Aan de rechter onderzijde staat een belangrijk venster. Als je in het balkje met de tijd klikt, kunnen we instellingen aanpassen maar ook WIFI netwerken zoeken. Als je klikt op de tijd, opent zich een venster. Links boven staat een icoontje en die mag je aanpassen met een eigen foto. Dit doe je door:

1. naar instellingen te gaan (het tandwiel)
2. naar personen te gaan en jouw schoolaccount aan te klikken (schoolaccount is verplicht!)
3. een foto uit te zoeken. 

Opdracht mappenstructuur:

We gaan een mappenstructuur maken. Daarvoor gebruiken we de app Google Drive. 

We maken mappen aan en daar plaatsen we documenten in. Het zorgt voor een nette structuur in jouw Google Drive. Hierdoor kun je ook gemakkelijk documenten zoeken en terugvinden. Google Drive is je harde schijf, hier vind je alle bestanden die je zelf hebt gemaakt of die je van anderen hebt gekregen. Als jij jouw document van bijvoorbeeld het vak ‘Nederlands’ in de map ‘Nederlands’ plaatst, dan kun je hier het document altijd vinden. Doe je dit niet, dan wordt het een behoorlijk zoektocht en raak jij je documenten kwijt.

Stappenplan mappen aanmaken in Google Drive:

Stap 1: Open Google Drive.
Stap 2: Bekijk de derde video hiernaast. 
Stap 3: Maak voor alle vakken een aparte map aan.
Stap 4: Geef alle mappen een andere kleur (met twee vingers klikken op een map – in het snelmenu kies je: kleur wijzigen.)
Stap 5: Zet al jouw documenten in de juiste map.
Stap 6: In het menu van je Google Drive aan de linkerkant staat Prioriteit. Klik op dit menu-item. Je kunt hier een werkruimte aanmaken waar je jouw belangrijkste documenten kan plaatsen zodat je ze snel kunt vinden. Handig toch?
Stap 7: In de map ‘gedeeld met mij’ staan documenten die anderen jou gestuurd hebben. Bijvoorbeeld een voortgangsformulier van Formatief. Kijk eens of je dit kunt vinden. 
Stap 8: Maak in de map Nederlands deze mappen aan: boekverslagen, opdrachten, leerwerk en huiswerk. Zo doe je dit ook voor het vak Wiskunde: huiswerk en opdrachten. Voor het vak M&M: huiswerk, opdrachten, bronnen, leerwerk. Voor het vak Informatiekunde maak je de volgende mappen: documenten, presentaties en opdrachten.

Ben je klaar met deze les vul dan het evaluatieformulier in van deze les. Je vindt dat hieronder.

.

 

 

 

Wil je alle sneltoetsen op een rijtje?

LES 2

Les 2 – Mail en communicatie

Het online communiceren met anderen is een van de belangrijkste functies van een Chromebook. We gaan vandaag kijken naar hoe je met anderen kunt communiceren. 

Doel 1: Op het einde van deze les kun jij verschillende communicatiemiddelen op een computer gebruiken.
Doel 2: Op het einde van deze les kun je een mail verzenden.
Doel 3: Op het einde van deze les weet jij hoe je op een respectvolle manier met een ander online kan communiceren.


Opdracht mail verzenden: 

Vandaag gaan we twee mails verzenden, daarvoor moeten we goed naar het filmpje kijken.

1. Open Gmail.
2. Je verstuurt een mailtje naar je buurman of buurvrouw. In je mailtje zet je twee dingen die jouw buurman of buurvrouw goed kan. Zet ook in het mailtje welk beroep bij hem of haar past. Zorg voor een goede aanhef en afsluiting.
3. Maak een (zakelijke) mail waarin je beschrijft wat jouw kwaliteiten zijn. Waar ben je goed in en probeer er een afbeelding bij te zetten. Zorg voor een goede aanhef en afsluiting. Zoek op Google goed naar hoe je dit (aanhef en afsluiting) doet! Deze mail stuur je naar jezelf (jouw eigen mailadres). 

Opdracht Hangouts:

In je Gmail kun je ook een Hangouts gesprek starten. LET OP! Doe dit lekker in je vrije tijd anders stoor je anderen tijdens de les. Onder lestijden gebruiken wij geen Hangouts. Denk ook aan je taalgebruik, anderen kunnen alles bewaren wat jij hebt gestuurd. 

1. Open Gmail. 
2. Start een Hangouts gesprek en ervaar hoe je met dit programma samen kan werken. 

Ben je klaar met deze les vul dan het evaluatieformulier in van deze les. Je vindt dat hieronder.

 

LES 3

Les zoekvaardigheden

In deze les gaan we kijken naar zoekvaardigheden in Google. Hoe zoek je goede informatie en is deze informatie betrouwbaar? Welke zoekvragen stel je aan Google? 

Een top 10 TIPS zoeken in Google:
1. Geef precies aan wat je wilt weten, bijvoorbeeld: wat is een goede basisschool in Venlo?
2. Woorden kunnen meerdere betekenissen hebben, bijvoorbeeld: bank (als je een bank wilt kopen of naar de bank gaan voor geld).
3. Als je zoekresultaten ziet en snel wilt weten of het de juiste informatie is, hou dan CTRL ingedrukt tijdens het klikken op de link. Je webbrowser opent een nieuw tabblad.
4. Wil je een site in de zoekresultaten negeren dan type je -site, bijvoorbeeld -site:wikipedia.org. Let op dat je in dit deel van de zoekopdracht geen spaties gebruikt. 
5. Wil je dat Google precies zoekt op jouw woorden, dan zet je die woorden tussen “…”. Bijvoorbeeld: “Anne Frank Huis”. 
6. Met een * (asterisk) geef je aan dat er op die plek nog iets anders mag staan. Bijvoorbeeld: “Koning * Alexander”.
7. Wil je enkel één website doorzoeken op resultaten, toets dan: site:blariacumcollege.nl.
8. Wil je dat Google ook synoniemen (woorden die hetzelfde betekenen) gebruikt in de zoekresultaten? Gebruik dan een ~ (Tilde). 
9. Wil je dat Google zoekt naar twee dingen tegelijk en een soort vergelijk maakt? Gebruik dan OR in hoofdletters of | (een pipeline). Bijvoorbeeld: wandelen (Frankrijk OR Zwitserland)
10. Google is een rekenmachine. Tik maar eens 20 celsius naar fahrenheit of 5 mijl naar kilometer of 30 centimeter naar inches (of korter: 30 cm in inch) in. Een percentage berekenen kan ook, bijvoorbeeld 25% van 150.

Google heeft ook humor, je mag dit ook even proberen:
– Type: Do a Barrell roll 
– Type: Askew
– Type: Pacman
– Type: Google gravity en klik daarna niet op zoeken maar op doe een gok.

Opdracht zoekvaardighedenspel:

Vandaag ga je het zoekvaardighedenspel doen. Je gaat zoekopdrachten uitvoeren en informatie vinden die je nodig hebt. Help elkaar 😉

1. Open Google Documenten.
2. Kopieer de tabel, door het te selecteren en de toetscombinatie Ctrl+c, en daarna te plakken in Google Documenten, die doe je met de toetscombinatie Ctrl+v.
3. Zoek met de juiste zoekvragen in Google naar de antwoorden.
4. Vul onder ieder cijfer de gevraagde letter in.

 

Niveau 4 en 5 zijn uitdagingen!

LES 4

Bekijk eerst de twee video’s hierboven. De eerste video gaat over wat Google Documenten is. De tweede video laat zien welke opties er allemaal zijn in Google Documenten. Heb je beide video’s gezien, dan mag je pas beginnen aan de eerste opdracht.

Opdracht 1:

Stap 1: maak een nieuw document aan met de naam: Document_over_mezelf.
Stap 2: Zet dit document in de map informatiekunde.
Stap 3: Jouw document krijgt zes pagina’s. Een nieuwe pagina maak je met de toetscombinatie CTRL+ENTER.
Stap 4: Geef jouw pagina’s een titel

Pagina 1: Titelpagina
Pagina 2: Inhoudsopgave
Pagina 3: Voorstellen
Pagina 4: Gezin
Pagina 5: Hobby
Pagina 6: School

Opdracht 2:
Stap 1: Je gaat nu de pagina’s vullen met informatie over jezelf.

Pagina 1: Titelpagina: Jouw naam en klas, foto’s of afbeeldingen die met jou te maken hebben.
Pagina 2: Inhoudsopgave: Deze pagina laat je nog even leeg.
Pagina 3: Voorstellen: Schrijf een leuk stuk tekst over jezelf. Wie ben je, hoe zie je eruit, vrienden, enz.
Pagina 4: Gezin: Vertel iets over je gezin. Welk werk doen je ouders/verzorgers? Vakantie?
Pagina 5: Hobby: Wat zijn je hobby’s of interesses?
Pagina 6: School: Waarom heb je voor het Blariacum gekozen? Waar ben je goed in? 

Handige tip!! Wil je een printscreen (foto van je scherm) maken op een Chromebook voor bijvoorbeeld een foto van Instagram dan klik je op de volgende toetscombinaties (de bovenste voor een heel scherm, de onderste voor een gedeelte van je scherm):

 

 

Wat moet jouw document straks op het einde hebben ( je hebt hier drie lessen voor):

N

Zes aparte pagina's

N

Zorg voor een goede leesbaarheid. Witregels, komma's en punten. Gebruik de automatische spellingscontrole.

N

Gebruik verschillende lettergroottes, kleuren en probeer opmaakstijlen toe te passen.

N

Gebruik afbeeldingen

N

Iedere titel van de pagina een alineaopmaak KOP 1

N

Een automatische inhoudsopgave

N

Nummer je pagina rechtsonder

N

Gebruik opsommingstekens en inspringen

N

Maak een tekening in Google documenten

N

Zoek de afdrukweergave en maak hier een screenshot van. Plaats deze afbeelding klein in je document op pagina 7.

N

Maak een diagram

N

Geef een pagina een achtergrondkleur

N

Lijn 3 alinea's op verschillende manieren uit.

N

Maak een tabel met je vakken en cijfers

N

Maak hyperlinks

N

Voeg een koptekst in (Naam en klas)

N

Maak gebruik van superscript en subscript

LES 5

Les presentatie maken

We gaan de komende drie lessen werken aan een presentatie. Deze presentatie kun je bij Nederlands gebruiken voor jouw spreekbeurt. 

 

Opdracht 1:

1. Maak een presentatie met de naam: presentatie spreekbeurt
2. Sla de presentatie op in de de map informatiekunde.
3. Kies een thema (of maak zelf een achtergrond)
4. 
Kies een onderwerp. Weet je niets kun je misschien iets kiezen uit deze lijst: social media, hacken, Google, Snapchat, Instagram, hobby, sport, een land, spelletjes, apps, telefoons, Apple, Youtube, websites, een boek of een zelf gekozen onderwerp. 
5. Maak minimaal 6 dia’s.
6. Verzamel informatie op internet. Maak de tekst in eigen woorden.
7. Gebruik afbeeldingen of video’s (max. 1 minuut). 

 

Je hebt in totaal drie lessen om jouw presentatie af te ronden. De teksten die je gebruikt mogen MOETEN IN EIGEN WOORDEN! Je mag het dus niet geheel overnemen van een andere website of klasgenoot. Zet in je afsluiting je bronnen, dus waar heb je de informatie gevonden.

 

Een overzicht van hoe jouw presentatie eruit kan zien:

Dia 1: Onderwerp 
Dia 2: Inhoudsopgave (wat gaan jouw kijkers in jouw presentatie zien, een overzicht van de dia’s)
Dia 3: Deelonderwerp 1 (Bijvoorbeeld: Wat is…?)
Dia 4: Deelonderwerp 2 (Bijvoorbeeld: Wie is…?)
Dia 5: Deelonderwerp 3 (Bijvoorbeeld: Waarom bestaat…?)
Dia 6: Deelonderwerp 4 (Bijvoorbeeld: Voor wie is…?)
Dia 7: Deelonderwerp 5 (Bijvoorbeeld: Wanneer ontstond…?)
Dia 8: Deelonderwerp 6 (Bijvoorbeeld: Hoe werkt…?)

 


 

 

Wat moet jouw presentatie straks op het einde hebben ( je hebt hier drie lessen voor):

N

Zes aparte dia's

N

Zorg voor een goede leesbaarheid. Witregels, komma's en punten. Gebruik de automatische spellingscontrole.

N

Gebruik verschillende lettergroottes, kleuren en probeer opmaakstijlen toe te passen.

N

Gebruik afbeeldingen en pictogrammen

N

Zorg voor een duidelijke titel

N

Je hebt een inhoudsopgave

N

Gebruik steekwoorden

N

Maak gebruik van verschillende tekstvakken

N

Voeg een video in

N

Je weet hoe je hulplijnen moet gebruiken

N

Gebruik vormen

N

Zoek de afdrukweergave

N

Maak een diagram

N

Geef een pagina een achtergrondkleur of gebruik een afbeelding als achtergrond

N

Maak gebruik van animaties

N

Maak een tabel

N

Maak hyperlinks

N

Maak gebruik van WordArt

N

Maak gebruik van de functie ordenen

N

Maak een animatie

N

Voeg een GIF in

LES 6

We hebben nu al twee van de drie belangrijke programma’s bekeken namelijk Google Documenten en Google Presentaties. Vandaag gaan we verder met de derde en dat is Google Spreadsheets. Dit is een fantastisch programma voor cijfers, tabellen, grafieken en rekenkundige bewerkingen. Vandaag gaan we kijken naar de belangrijkste functies van het programma en volgende week gaan we lekker creatief aan de gang.

Eerst volg de uitleg in de klas. Daarna mag je met onderstaande opdrachten aan de slag.

De opdrachten van vandaag:

– Maak een optelsom (je gebruikt hier de functie + voor)
– Maak een aftelsom (je gebruikt hier de functie – voor)
– Maak een keersom (je gebruikt hier de functie * voor)
– Maak een deelsom (je gebruikt hier de functie / voor)
– Maak een tabel van 5 rijen en 4 kolommen
Gebruik voor de tabellen achtergrondkleuren
– Gebruik de conditionele opmaak (je vindt dit in het menu: opmaak –> conditionele opmaak)
– Probeer een diagram te maken.

Hieronder staan de twee filmpjes. Het eerste filmpje gaat over de optelsommen. Het tweede filmpje gaat over de overige functies.

 

LES 7

De vorige les hebben we een eigen cijferlijst gemaakt in Google Spreadsheets.  Vandaag gaan we verder met Google Spreadsheets en gaan we onze creativiteit benutten. Wat wij gaan doen heet pixelart.  Een pixel is eigenlijk een klein blokje. Misschien ken je de app Sandbox wel, onze opdracht lijkt hier op.

De opdracht: Zoek of ontwerp een pixeltekening (art). Maak dit na in Google Spreadsheets. Je maakt 2 kleine pixelarts of 1 grote.

LES 8

We blijven creatief. We gaan twee lessen werken aan fotobewerking. We gaan dat doen met een online fotobewerkingprogramma: www.pixlr.com

Opdracht: bekijk onderstaand filmpje en kies uit onderstaande opdrachten.

Fantasiedier: bewerk verschillende dieren en maak er één dier van. Bijvoorbeeld een giraf, met een muizenkop en olifantenpoten.

Faceswap: kies twee gezichten uit en probeer van twee gezichten 1 te maken.

Gekke omgeving: pak een mooie foto van een bekende plek. Bewerk het zo, dat er gekke dingen in het landschap ontstaan.

Eigen creatie: maak zelf een fotobewerking.

Maak je eigen social media banner (bijvoorbeeld voor Youtube, Snapchat of Instagram).

Tips: de kloonstempel –> ctrl klik op de plek die je graag nog een keer wilt. Daarna op de gewenste plek klikken.
In het menu bewerken –> Vrije transformatie. Je kunt nu de afbeelding op het gewenste formaat zetten.
Gum –> gum alle niet gewenste dingen weg. Je kunt hier ook figuren in gebruiken.
Filter in het menu geeft je veel opties om kleuren of effecten toe te voegen. 

Veel plezier en succes!

LES 9

LES 10